Natuurdagboek 2: Vergankelijkheid

This post is also available in: Engels.

Wanneer over de natuur wordt geschreven en illustraties aan dit schrijven wordt toegevoegd ligt de nadruk vrijwel altijd op de mooie plaatjes en de geweldige verhalen achter elk dier of plant die het onderwerp is. Zelden of nooit wordt stil gestaan bij het laatste hoofdstuk in het leven van deze bijzondere organismen; de dood.
Op zich is dat natuurlijk vrij logisch, men toont de natuur graag in al zijn pracht en praal en staat niet graag stil bij de vergankelijkheid ervan en het idee dat aan al wat levend is een einde komt, ook aan onszelf.
Als er al ergens de dood in beeld wordt gebracht op foto’s, film of in geschreven vorm dan is dat als deel van bijvoorbeeld het leven van een leeuw die met vereende krachten een antilope velt en opeet, of het onfortuinlijke muisje wat door een uil wordt gepakt. Dat ook de leeuw en de uil op een dag het tijdige voor het eeuwige verwisselen is meestal niet in beeld.

De lokale vlinder Gulf Fritillary op Curaçao, een van de meest in het oog springende vlinders door de fel oranje kleur.

Fladderige schoonheid

Geen enkel insect spreekt zo tot de verbeelding van de mens als de vlinder. Met hun vaak kleurrijke vleugels en frivool gedrag werken ze op de ‘sense of wonder’ van menig kind en volwassene. Vlinders hebben een complexe levensloop. Zo mooi als ze er in hun ‘volwassen’ stadium uitzien, zo lelijk vindt men ze in hun jeugdfase.
Het leven van de vlinder begint als een eitje op een blad. De moedervlinder legt haar eitjes na de bevruchting op een zorgvuldig uitgekozen plant, wat de voedselplant moet gaan worden voor de kleine rupsjes die uit het ei gaan komen. Het is een kwestie van efficiëntie, leg je kinderen op het voedsel wat ze nodig hebben, dan hoeven ze daar niet naar op zoek te gaan. Dit is een handig gegeven voor mensen die graag meer vlinders in de tuin willen hebben. Zorg dat je een variatie aan voedselplanten hebt en de vlinders komen vanzelf.
Wanneer de rupsen uit het ei komen beginnen ze meteen met eten, en ze kunnen met een gerust hart veelvraten worden genoemd. Het is zowat het enige wat ze doen, met grote snelheid grote hoeveelheden bladmateriaal afbijten en wegkauwen, wat er dan als harde zwarte poepbolletjes aan de achterkant weer uitkomt.
Het effect van dit vele eten is dat de rups zich in relatief korte tijd vet vreet, en letterlijk uit zijn velletje barst. Zodra de dieren niet meer in hun jasje passen gaan ze vervellen en meten ze zichzelf nieuwe kleding aan.

Rups van een Monarch vlinder

Geen botten

De huid van een rups is gemaakt van chitine, een stofje wat veel lijkt op het materiaal waar onze nagels van zijn gemaakt. ‘Verse’ chitine is flexibel, maar zodra het opdroogt en verhard vormt het wat in de biologie een exoskelet wordt genoemd.
Mensen en andere gewervelden hebben een skelet van botten in het lichaam wat zorgt voor de vorm van het dier en het feit dat het niet als een plumpudding in elkaar zakt.
Insecten, waaronder vlinders, hebben geen skelet of geraamte om dit voor elkaar te krijgen. Hun lichaam bestaat in feite uit niets anders dan een vochtige massa waarin organen zitten verstopt. Om dit pakket allemaal bij elkaar te houden bezitten deze dieren een exoskelet van chitine, een soort korset bijna, wat het hele lichaam omvat en het dier de stevigheid geeft. Bij rupsen bestaat dit jasje uit afzonderlijke ringen, net zoiets als een doucheslang.
Elke keer als een rups letterlijk uit zijn jasje barst door het vele eten, gebeurt dit op het moment dat er een ‘verse’ laag chitine onder het oude huidje zit. Doordat dit nieuwe laagje flexibel is en kan uitrekken heeft het insect de kans te groeien. Zodra het nieuwe huidje is opgedroogd en hard is geworden gaat het dier weer over tot de orde van dag: eten. Totdat de volgende groeifase aanbreekt.

Chrysalis van een Monarch

Pop

Als de rups groot genoeg is geworden ondergaat het dier een wonderbaarlijke transformatie. Sommige rupsen, van motten, maken een pop van gesponnen zijde, al of niet tussen een dubbel gevouwen blad, en anderen, van vlinders, maken een chrysalis, wat in feit een zak is die ze zelf maken waar alle onderdelen van de rups, meestal zonder de huid, in een geheimzinnig proces tot vlinder wordt omgetoverd. Het is voor de wetenschap nog altijd niet duidelijk hoe dit proces werkt. Na een periode van ontwikkeling is het op gegeven moment zover, de vlinder komt uit. Met veel moeite wringt het dier zich uit zijn eigengemaakte vlinderfabriek, en gaat in alle rust in de zon zijn vleugels opwarmen en oppompen.

Het eindresultaat - een gloednieuwe Monarch!

Wanneer dit is gebeurd vliegt het dier de lucht in op zoek naar nectar uit bloemen en een partner om mee te paren, zodat het proces weer van voren af kan beginnen. De mens heeft grote bewondering voor de schoonheid van deze fladderende insecten, en zeker de felgekleurde varianten zijn favoriet.

Verslijting

Als je goed oplet dan zie je wel eens vlinders voorbij vliegen of op een bloem zitten die er gehavend uitzien. Stukjes vleugels of lijf die missen, gerafelde vleugels en doffe kleuren springen dan vaak in het oog. Dit zal een vlinder zijn die aan het einde van zijn of haar latijn is en dus niet lang meer zal leven.

De resten van een vlinder in de aarde op Curaçao.

Omdat deze dieren meestal ook niet meer zo snel vliegen vormen ze een makkelijke prooi voor vogels zoals de chuchubi. Die eet het sappige lijf op en ‘gooit’ de niet lekkere vleugels ‘weg’. Wie er oog voor heeft kan deze ‘triest’ overgebleven resten van wat eens een wonderschoon dier was terugvinden op de grond.
Ook deze schoonheid is vergankelijk.

 

 

 

 

 

About Michelle da Costa Gomez