2011 Internationaal jaar van de bossen – De bomen van onze lokale bossen (2)

This post is also available in: Engels.

De zaadlijsten van de Oliba zijn bij openbarsten helder oranjerood.

De Oliba (Capparis odoratissima)

Het meest herkenbare aan een Oliba zijn de zaadlijsten, die er aan de buitenkant geelbruin uitzien en bij het openbarsten fel oranjerood zijn aan de binnenkant. Als de zaden tegelijk openbarsten lijkt de boom vol te hangen met oranje slingers. De boom is het gehele jaar door groen en heeft heel weinig water nodig om te overleven. Het groeit het liefst op kalkhoudende gronden, maar is ook in andere gebieden wel te vinden. De bladeren zijn langwerpig elliptisch van vorm en worden donkergroen en glanzend aan de bovenkant. De onderkant is zilverbruin van kleur en is bedekt met schubbetjes waardoor het ruw aanvoelt. De glimmende bovenkant is vooral opvallend wanneer de nieuwe blaadjes uitkomen. Die zijn in eerste instantie gesloten en zilverbruin van kleur. De Oliba is een fantastische boom voor in de tuin. Niet alleen heeft het weinig tot geen besproeiing nodig, de boom blijft het hele jaar door groen en is een aantrekker van allerlei soorten vlinders en vogels als het bloeit. De bloemen zijn roomwit van kleur, hebben lange meeldraden en zijn een bron van nectar voor de dieren. Vooral ‘s avonds komt er een sterke zoete geur van de bloemen af. Op goede grond groeit de boom uit tot een mooie schaduwboom. Helaas wordt de boom nog maar heel weinig in tuinen aangeplant. De Oliba komt naast op Curaçao ook voor op Aruba en Bonaire.

Manzaliña bladeren. Deze bladeren reflecteren het zonlicht in hoge mate, vanwege een wasachtige laag op de bovenzijde. Dit is een aanpassing aan een heet en droog klimaat.

De Manzaliña (Hippomane mancinella)

Op veel stranden op het eiland staan Manzaliñabomen als schaduwbomen langs de zee. De boom staat het meest bekend om zijn vruchten die veel lijken op kleine groen gele appeltjes. De vruchten lijken ook op de lokale Apeldam vrucht (Zizyphus spina-christi). Mensen die de boom niet kennen vergissen zich wel eens in de eetbaarheid van de vruchten en eten het op. Dat is een slecht idee, de appeltjes zijn namelijk giftig en kunnen dodelijk zijn. Alle delen van de plant bevatten een melkachtig witte substantie die vrij komt bij aanraking en blaren veroorzaakt. Niet bij iedereen is de reactie even erg, maar mensen die heel gevoelig zijn voor de melk kunnen blaren krijgen die veel lijken op brandblaren, die heel pijnlijk zijn en bij gebrek aan behandeling gemeen kunnen gaan zweren. Tuinmannen en anderen die dit soort bomen moeten snoeien moeten niet alleen goede lange handschoenen dragen, maar er ook voor zorgen dat het sap niet op gevoelige weefsels zoals de ogen terechtkomt. Ook bij regen kan men beter niet onder de boom gaan staan, omdat bij het afbreken van de takjes het sap van de boom vermengd wordt met het regenwater en daardoor ook brandwonden kan veroorzaken. Als dit water in de ogen terecht komt kan men ernstige verwondingen oplopen aan het netvlies. Op de meeste stranden staan geen waarschuwingsbordjes, maar het is aan te raden te zorgen dat kinderen geen bomen beklimmen om de kans op verwonding te voorkomen.
De boom is ook vaak te vinden in rooien op het eiland.

Elders in het Caribisch gebied wordt het hout van de boom gebruikt voor het maken van meubels, waar het zeer geschikt voor is ondanks het feit dat het wel gevoelig is voor termieten. Ook in levende bomen zijn bijna altijd lange sporen van termieten te vinden die zich tegoed doen aan de dode delen.
Als het vruchtje uitdroogt blijft er een houtig ‘frame’ achter waarin losse zaadjes zitten. De vrucht blijft drijven op water en kan daarbij grote afstanden afleggen. Ondanks het feit dat de vruchten giftig zijn voor de mens, hebben leguanen er helemaal geen moeite mee en eten de vrucht in zijn geheel op. Ook parkieten doen zich graag tegoed aan de vruchten.

De Welensali blaadjes.

De Welensali (Croton flavens)

De Welensali, een naam afkomstig van de Nederlandse naam Wilde Salie, is makkelijk te herkennen aan de geur van de bladeren. De plant is echter geen familie van de Wilde Salie in Nederland. De grijsgroene bladeren van deze struik zijn sterk behaard en verspreiden een kruidige geur. Ook de oude bladeren die op het punt staan af te vallen hebben deze lucht nog en worden helder oranje van kleur. De plant krijgt langwerpige trosjes met witte, even sterk geurende, bloemetjes die druk bezocht worden door vlinders, bijen en zelfs kolibries. De bloemtrossen bevatten zowel mannelijke als vrouwelijke bloemen die afzonderlijk van elkaar bloeien om te voorkomen dat de plant zichzelf bevrucht. De sterke geur werd in het verleden ingezet als muggen afschrikmiddel. Door gekneusde takken Welensali in huis neer te leggen of zichzelf ermee in te wrijven probeerde men muggen op een afstand houden. Een aftreksel van de bladeren werd ook wel gedronken tegen kwaaltjes als krampen en koorts. De plant, die vaak als onkruid wordt bestempeld kan een prachtige aanwinst zijn voor een tuin. Met regelmatig snoeien en extra water groeit de struik uit tot een flinke plant met een dikke massa bladeren. In de droge tijd, wanneer er niet wordt bij gewaterd wordt de plant praktisch helemaal kaal. Bij een volgende regenbui zitten er dan echter weer snel jonge blaadjes aan.

Michelle da Costa Gomez

About Michelle da Costa Gomez